Vakantiegeld valt voor veel medewerkers dit jaar (iets) lager uit

Een groot deel van de werknemers in Nederland ontvangt eind deze maand netto minder vakantiegeld dan vorig jaar. Terwijl vrijwel alle werkende Nederlanders profiteren van lagere belastingen op loon, staat daar een hoger belastingtarief op het vakantiegeld tegenover voor inkomens vanaf 34.000 euro per jaar. Vooral werknemers met hogere inkomens gaan dit merken.

Voor werknemers met een modaal salaris blijft de schade beperkt: zij leveren netto drie euro in. Bij een inkomen van anderhalf keer modaal is dat vijf euro. Groter worden de verschillen voor werknemers die tussen de 68.500 en 98.000 euro per jaar verdienen. Voor hen stijgt de belasting over het vakantiegeld naar 57,75%.

Een werknemer die twee keer modaal verdient, betaalt dit jaar 117 euro meer belasting over zijn vakantiegeld. Bij 2,5 keer modaal levert een werknemer netto 147 euro vakantiegeld in. Werknemers met een minimumloon daarentegen houden dit jaar 35 euro meer vakantiegeld over.

Individueel keuzebudget versus vakantiegeld
Dat veel werkenden inleveren op het vakantiegeld komt door de versnelde afbouw van de arbeidskorting, een voordeel op de belasting voor werkenden. Naarmate je meer verdient, heb je volgens de wet ook minder recht op belastingkorting,. Als je meer verdient dan 34.000 euro wordt de arbeidskorting stapsgewijs afgebouwd. Bij een loon vanaf 97.700 euro heb je helemaal geen recht meer op deze korting.

De ‘traditionele’ vakantiegelduitkering in mei boet aan populariteit in nu steeds meer sectoren een zogenoemd ‘individueel keuzebudget’ hebben ingevoerd. Het vakantiegeld wordt dan per maand in een budget gestort. De werknemer kan min of meer vrij over dit budget beschikken en bijvoorbeeld in augustus een bedrag uit laten betalen voor een vakantie of het belastingvrij opnemen in verband met de kosten van een studie.

Bron: ADP